Onze visie

Ons pedagogisch project

Wij verwachten van alle ouders dat ze loyaal achter de identiteit en het pedagogisch project van onze school staan en deze mee dragen. Hieronder vindt u een beschrijving van de uitgangspunten van ons pedagogisch project. U kunt steeds terecht bij de directeur voor meer informatie.

 

Opvoedend onderwijs geven

 

Een samenhangend onderwijsaanbod

  • - De school streeft de totale persoonsvorming van kinderen na in verbondenheid met anderen (kinderen en volwassenen) en met zorg voor de wereld waarin wij leven.
  • - In het onderwijs is er een evenwichtig aanbod van alle componenten van de cultuur, de wereld van:
    • de eigen lichamelijke groei en beleving
    • de ruimere natuurexploratie
    • taal en communicatie
    • het muzische
    • de exacte cijfers en objectieve feiten
    • de wereld van de techniek
    • het samenleven met anderen
    • het verleden en het heden
    • het goede
    • de uiteindelijke zingeving
  • - De school gebruikt leerplannen en het ontwikkelingsplan van het katholiek onderwijs.
  • - Voor de toepassing van deze leerplannen volgt het team nascholingen bij de pedagogische begeleiding.
  • - Bij de samenstelling van het lessenrooster wordt rekening gehouden met de ontwikkeling van de totale persoon (hoofd, hart, handen). Ook bij de evaluatie van de leerlingen.
  • - De leerkracht differentieert in de doelen die zij nastreeft, rekening houdend met de beginsituatie en/of de capaciteiten van de leerlingen.
  • - Het team werkt aan waarden en attitudes, leren leren, sociale vaardigheden.
  • - Het team werkt aan klasoverstijgende activiteiten en geïntegreerd leren (thematisch onderwijs, projecten, …)

 

Doeltreffende didactische aanpak

  • Het schoolreglement biedt een kader voor een ordelijke en gestructureerde omgeving die het leren bevordert.
  • Op school heeft iedereen respect voor elkaar (leerlingen, leerkrachten, onderhoudspersoneel ...) voor de gebouwen, voor het materiaal ...
  • De leerkracht laat blijken dat hij/zij elk kind met zijn mogelijkheden en met zijn inspanningen waardeert. Hij/zij creëert in de klas een sfeer waar de kinderen zich goed voelen (welbevinden).
  • De leerkracht heeft oog voor de beginsituatie en het ontwikkelingsniveau van elk kind.
  • Bij de activiteiten leert de leerkracht de leerlingen kiezen, plannen, reflecteren op hun aanpak en hun prestaties om zo zelfsturing te ontwikkelen.
  • Het team gaat na hoe het ruimere leefmilieu in de school kan worden binnengebracht (tentoonstellingen, theatervoorstellingen, jeugd en muziek, om de twee jaar openluchtklassen en sportklassen ...)
  • Het team engageert zich om naschoolse sportactiviteiten te organiseren.
  • Het team overlegt inzake de didactische aanpak en neemt initiatieven om de didactische aanpak te verbeteren.

 

Vanuit een brede zorg werken aan de ontplooiing van het kind

  • - Het team werkt aan een plan voor zorgverbreding voor leer- en ontwikkelingsbedreigde kinderen.
  • - Er zijn lestijden voorzien voor een zorgcoördinator en zorgleerkrachten die leerlingen met specifieke leerproblemen in een kleine groep of individueel of buiten de klas aangepaste hulp geven.
  • - De school neemt een duidelijk standpunt in tegenover de wijze waarop binnen de maatschappij met verschillen wordt omgegaan. Ze geeft dat standpunt een plaats in het eigen opvoedingsproject en probeert dat te beleven in de dagelijkse praktijk.
  • - In de school is er overleg over en wordt gekozen voor een gemeenschappelijk systeem om leerlingen te volgen (kind- of leerlingvolgsysteem) met vaste afspraken om leerlingen tijdig hulp te geven.
  • - De leerkracht weet probleemkinderen aan de ouders te signaleren en vraagt deskundige hulp van CLB, indien nodig worden externe hulpverleners (logopedie, revalidatiecentrum, …) ingeschakeld.
  • - Als de problemen van die aard zijn dat zij de bevoegdheid van het team overschrijden, wordt het kind verwezen naar het buitengewoon onderwijs of de speelleerklas, dit in het voordeel van het kind.
  • - Tijdens de lessen komen onderwerpen zoals discriminatie, pesten, onrecht ... aan bod.
  • - Leerlingen weten dat ze bij hun leerkracht terecht kunnen met hun grote en kleine zorgen.
  • - Het team werkt aan een vlotte overgang van kleuter naar lager onderwijs en van lager naar secundair onderwijs.

 

Samen school maken

 

In de school werken allen samen aan hetzelfde doel: de opvoeding van kinderen. Iedereen doet dat volgens de eigen mogelijkheden en verantwoordelijkheden.

  • - Het schoolbestuur organiseert het onderwijs en is als eindverantwoordelijke bij het beleid van de school betrokken.
  • - Het schoolteam werkt in een open, communicatief en positief klimaat aan het eigen opvoedingsproject. Het ontwikkelt samen een planning (schoolwerkplan, navormingsplan) en toetst de uitwerking ervan.
  • - De ouders zijn belangrijke partners van de school. Zij zijn de eerste verantwoordelijken voor de opvoeding van hun kinderen. Daarom streeft het team naar een open en eerlijke communicatie met ouders. Geplande en formele overlegmomenten zoals de schoolraad, het oudercomité en de oudercontacten maar ook toevallige contacten zijn gebaat met wederzijdse dialoog.
  • - De pedagogische begeleiders geven ondersteuning bij de ontwikkeling van de school als pedagogische gemeenschap. Het team doet beroep op nascholers om zijn deskundigheid te bevorderen.
  • - De diensten van het CLB staan het team met raad en daad bij in de begeleiding van kinderen op school.
  • - De wederzijdse samenwerking tussen scholen van het gewoon en buitengewoon onderwijs kan leiden tot het samenbrengen van deskundigheid met betrekking tot zorg voor kinderen met bijzondere noden.
  • - Een goede band met de plaatselijke gemeenschap maakt het mogelijk dat kinderen gaande weg meer zicht krijgen op de wereld. Dat is een voorwaarde opdat ze leren welke bijdrage zij nu en later in die gemeenschap kunnen leveren.

 

Een herkenbare katholieke school

 

Wij zijn een katholieke school en willen een pedagogisch verantwoord onderwijs en kwaliteitsvolle opvoeding aanbieden. Onze inspiratie vinden wij in het evangelie en in de katholieke traditie.

  • - In het leergebied godsdienst maakt de leerkracht het christelijk geloof voor kinderen toegankelijk en laat zij hen zien welke betekenis het heeft voor diepmenselijke vragen naar zin. Alle kinderen volgen de cursus katholieke godsdienst. Daarmee willen we ze een godsdienst leren kennen zonder die op te leggen.
  • - Binnen het vak godsdienst is er bij voorkeur aandacht voor de rijkdom van het christelijk geloof, maar ook voor de rijkdom van andere levensbeschouwingen. Ook in andere vakken stoten kinderen soms op diepere vragen.
  • - De leerkrachten hebben respect voor “alle” kinderen in al hun eigenheid (economisch, intellectueel, lichamelijk, sociaal, cultureel, religieus, ethisch ...)
  • - Het team spreekt over kinderen en hun toekomst met een positieve ingesteldheid en met optimisme.
  • - Bij de benadering van fouten en zwakke prestaties zorgt de leerkracht ervoor dat bij de kinderen het gevoel van eigenwaarde niet wordt geknakt.
  • - De school maakt ruimte voor religieuze momenten in het schoolleven:
    • - Er vinden christelijke vieringen plaats zoals tijdens de advent, in de vasten, met Kerstmis, met Pasen ...
    • - Er kan ook aandacht zijn voor niet-christelijke godsdiensten en levensbeschouwingen.
    • - Er is aandacht voor de voorbereiding van eerste communie en vormsel.
  • - De school sluit aan bij acties van christelijke of sociaal-maatschappelijke origine (bijv. Broederlijk Delen ...)
  • - De school en de parochie ondersteunen elkaar in de mate van het mogelijke. De parochiepriester(s), de diaken en het parochiaal team zijn welkom op school.
  • - Van medewerkers die veraf staan inzake christelijk geloven wordt minstens verwacht dat zij op een loyale en collegiale manier meewerken.